Ponderingetjes

Wij zijn zo niet!

‘De beste lichting Duivels ooit!’
U heeft die Hosanna-stemming vast al vaker ervaren op de werkvloer, op café, of in de media. En iedereen is het daar volmondig mee eens, met uitzondering wellicht van degenen die in de jaren tachtig zelf de noppen aantrokken om de Belgische eer tussen de krijtlijnen te verdedigen. Ook ondergetekende, die er – toegegeven – waarschijnlijk het minst kaas van gegeten heeft, wil niet ontkennen dat het lijstje Duivels indrukwekkend is. Het gros vertegenwoordigt een buitenlandse topploeg, al dan niet als sterkhouder en mocht ik ooit wakker worden met de som van hun prijskaartjes op mijn bankrekening, koop ik Monaco. En Thibaut Courtois. Voor op de schouw.

Toch ben ik van mening dat we enige vorm van bescheidenheid aan de dag moeten leggen. Niet omdat de uitslagen van de kwalificatiewedstrijden nogal vleiend zijn geweest, gezien ‘we’ bij vlagen gewoon van de mat gespeeld zijn. Ook niet omdat het jonge en bij wijlen nonchalante team blijkbaar geen negentig minuten concentratie kan opbrengen, wat in het laatste speelkwartier niet zelden tot een tegentreffer heeft geleid. Ik laat ook de magere buit tegen voetbaldwergen als Japan, Colombia en Ivoorkust in de collectieve vergeethoek liggen, waar die na onze klinkende overwinning tegen het Wereldteam Luxemburg blijkbaar verzeild is geraakt.

Nee, punt is: wij zijn zo niet. Wij zijn bescheiden, houden de voetjes op de grond en laten het Wij-worden-wereldkampioen-geschreeuw over aan onze Oranje buren. Down to earth. Zo hoort dat in Belgenland.

Ik ga zo meteen kijken hoe onze Uitverkoren Elf – of Drieëntwintig, excuus, meneer Wilmots – het zal vergaan tegen Zlatan en co. En natuurlijk ga ik supporteren, doch zal ik me meer vermaken met de opmerkingen van mijn vrouw, die er geen bal van snapt, maar toch wil participeren aan de gezelligheid. Die oprecht vraagt of een speler die een gele of rode kaart krijgt, die na de wedstrijd ook mee naar huis mag nemen. Die vraagt op de score bovenaan uw beeld omgedraaid wordt, wanneer de tweede helft begint. Die onophoudelijk commentaar geeft op fashion crimes van de vaak vreemd gekapte gladiatoren, en me telkenmale weer verzekert dat mijn benen mooier zijn dan die van welke speler dan ook. De leugenachtige schat.

Maar! Juist: maar! Wanneer de Belgen de eerste ronde in Brazilië overleven en dus Duitsland of Portugal het hoofd moeten bieden, dán ga ik er in geloven. Dan doe ik mee aan de hetze. TV aan! Luid, Frank Raes of geen Frank Raes! En mijn vrouw moet dan haar klep houden en iets huishoudelijks gaan doen of zo. Dán doe ik mee. Want zo ben ik dan ook wel weer.

Standard

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Eerst dit keimoeilijke raadsel oplossen!