Varia

Dingeswedstrijd

Een tijdje geleden zag ik dat Studio Brussel voor een of andere Rode Duivels wedstrijd een pronostiek organiseerde, met als prijs een shirt van het nationale elftal, gesigneerd door die hele bende overbetaalde ongeletterden. Ik ken geen testikel van voetbal, maar vond – uiteraard straalbezopen – de gedachte dit kledingstuk te bemachtigen wel ok, aangezien ik íets moet aantrekken om ons nieuwe huis te schilderen. Dus nam ik online deel, waarna ik ging slapen en vergeten.

Een week later werd ik ‘s ochtends vroeg uit bed gebeld door Studio Brussel. U kon live op de radio getuige zijn van het feit dat ik nu een Rode Duivels shirt rijker ben.

Wel, ik hoef het niet. U mag het hebben. Uiteraard niet zomaar – ik wil Vermaeck. Vandaar een ludiek schrijfwedstrijdje, waarbij de door mij uitgekozen winnaar het rode vodje toegezonden krijgt.
De opdracht: schrijf een stukje waarin Bart De Wever net voor een interland de kleedkamer van de Rode Duivels binnenstapt om een peptalk te geven. Hou daarbij in acht:

– Dialoog, dialoog, dialoog!
– Humor is verplicht.
– U dient ouder te zijn dan drie dagen.
– Deadline: 13/07/2013 13:37u.
– Uw inzending wordt uiteraard in het Nederlands verwacht en dit in de vorm van een mail naar Coltrui at zinloos dot be.
– Negers en vrouwen mogen ook meedoen.
– Hou het tof.
– Voor de rest bent u vrij van vorm en tekstlengte.

Succes!

Update: Het hoeft geen tekst te zijn. Cartoons zijn bijvoorbeeld ook welkom.

Standard
De Kinders

Red de Ingebeelde Snoekbaars

Wie vrolijk en dus naar alle waarschijnlijkheid kroostloos door het leven huppelt, zal niet stilstaan bij het feit dat het huidige schooljaar alweer op zijn laatste benen loopt. De grote vakantie – twee zaligmakende maanden, ouders beter bekend als ‘de Grote Papa-ik-verveel-mij-Periode’ – nadert met rasse schreden en zal er naar goede Belgische gewoonte sneller zijn dan u ‘O kijk, de zon schijnt!’ kan zeggen.

De Grote Papa-ik-verveel-mij-Periode is geen pretje voor de arbeidende mens met nageslacht, aangezien deze vaak garant staat voor opvangproblemen. Ziet u, bezijden huisvrouwen, werklozen, onderwijzend personeel en elke andere soort Moedwillige Tamzak die ik hier vergeet, is er niemand die de kroost overdag kan entertainen gedurende deze acht weken. Want zo is het: kinderen moeten blijkbaar geëntertaind worden tegenwoordig.
En voor wie nu denkt dat ik – nu ik het woord ‘tegenwoordig’ heb laten vallen – me zometeen volledig zal laten gaan als een Vroeger-Was-Alles-Beter Ouwe Lul, wees gerust: dat heeft u volkómen goed geraden.

In mijn tijd had ik een voetbal. En een vriend met benen waartegen ik kon schoppen. Er was die buurman met zijn rabarbertuintje en een handvol appelbomen, waarvan hij de oogst tevergeefs verdedigde tegen gauwdieven zoals ik. Met een paar potloden en een stuk papier maakte ik een tekening die niemand zich herinnert, of schreef ik stiekem een verhaal dat niemand ooit mocht lezen. Met een dikke tak en een snelbinder ving ik ingebeelde snoekbaarzen uit een regenplas.

O ja, de dag van vandaag wordt de werkende ouder een oplossing aangereikt in de vorm van allerhande kampen, waar uw kind zich een week lang kan verdiepen in een nieuwe hobby. ‘Beestjes verzorgen op een kinderboerderij’, ‘Initiatiecursus Kleuterdans’ of ‘Stoppen met roken zonder konijntjes te willen vermoorden’, een hele week entertainment voor uw spruit en dit slechts voor de prijs van een half maandloon en uw lever.

Ouwe Lul of niet, ik vind dit jammer. Inventiviteit wordt schaars. Fantasie wordt een vaardigheid van een ambacht van toen. En de ingebeelde snoekbaars, die wordt met uitsterven bedreigd.

Standard
Ik ben belachelijk, Nicotinevrij

Loze Beloftes

Ik weet niet wat het is, maar zet mij met mijn knikker in de zon en schuif vervolgens een paar glazen alcoholhoudend vocht voor mijn snufferd, en ik transformeer een weinig later gegarandeerd in een scheve kwartel vol belachelijk goede voornemens. Uit die voornemens vloeien dan meestal onnozele beloftes en wie me die hoort maken, roloogt zich een schedelbreuk, want iedereen weet ondertussen dat ik die tóch nooit ga houden. Bijna iedereen. Ik vergeet dat blijkbaar steeds.

Zo was zondag de zon van de partij, woei een verkoelend briesje over het terras en zat ik nippend aan mijn derde glas rosé van dertien procent, toen onze chihuahua van mijn goedgeluimdheid profiteerde om zich op mijn schoot te nestelen. Een zelden verleende gunst, want van mij mag dat beest doorgaans niets, behalve ophoepelen. Maar goed, zon, wijn, ik kreeg plots medeleven. Zo ongeveer dertien procent meer dan anders.

‘Hmm, misschien zou ik wat vriendelijker kunnen zijn voor de chihuahua? Eigenlijk ben ik wel te streng voor het arme beestje… Wat denken jullie daarvan?’ richtte ik me tot de terrasgenoten.
‘Ja, vast…’ klonk het in koor. Het feit dat de chihuahua nog geen half uur later het luchtruim doorkliefde, begeleid door mijn luid gevloek en achternagevlogen door zijn clandestiene keukendrol, verbaasde dan ook geen hond. Of het moet de onze geweest zijn.

De zon ging naarmate de middag vorderde steeds beter haar best doen, en alras braken we een nieuwe fles Loze Beloftes aan.

‘Eigenlijk is roken toch belachelijk, he?’ dacht ik, terwijl ik kringetjes uitblies. ‘Je koopt voor vijf euro papieren buisjes met gedroogde planten, steekt ze in de hens en vervolgens tussen je lippen om de rook in je longen te krijgen. Hoe kon ik al die jaren zo dóm geweest zijn? Wel, morgen stop ik! Ik zie het allemaal zo helder nu! Als je logisch nadenkt, klopt het plaatje helemaal! ‘

Maar klopt het plaatje nu twee dagen later echt? Vandaag zijn we begonnen aan de derde nicotinevrije dag en met oprechte fierheid  deel ik u mede: het plaatje klopt voor geen ene fuck. Ik wil dood. En anderen moeten ook dood. De actieradius van mijn moordzucht breidt zienderogen uit, mijn lontje wordt korter en de chihuahua krijgt veel vaker vliegles dan vroeger. Dat ik een sigaret wil, miljaardedju!

En laat mij gerust.

Standard